Cookies Op onze website wordt gebruik gemaakt van cookies die door zowel deze website als derde partijen worden geplaatst. Dit doen wij zodat jij optimaal gebruik kunt maken van de functionaliteiten op deze website en om inzicht te verkrijgen in het bezoekersgedrag. Door op ‘Akkoord’ te klikken geef je toestemming voor het plaatsen van alle cookies voor de doeleinden zoals beschreven in onze privacy- en cookieverklaring.

Lesstof

Scholen kiezen hun eigen lesmethoden. Iedere basisschool moet voldoen aan de kerndoelen van het ministerie van Onderwijs. Die kerndoelen gaan over de gebieden:

  • taal en communicatie;
  • rekenen (wiskunde);
  • oriëntatie op mens en wereld;
  • bewegingsonderwijs;
  • kunstzinnige oriëntatie.

Lezen, schrijven, grammatica en spelling

Op school is er veel aandacht voor taal, praten met elkaar en allerlei vormen van communicatie, zoals een verhaal vertellen of een spreekbeurt houden. De groepen 1 en 2 bereiden je kind spelenderwijs voor op leren lezen en schrijven. In groep 3 wordt een leesmethode gebruikt. De meeste scholen werken met leesniveaus (AVI), die steeds moeilijker worden. Vanaf groep 4 leren kinderen begrijpend lezen, spellen en later ook zelf stukjes schrijven.

Rekenen en wiskunde

Je kind wordt in groep 1 en 2 voorbereid op rekenen met speelse telactiviteiten en sorteren. Ook van bijvoorbeeld ‘busje spelen’ leert je kind al een beetje rekenen: ‘Hoeveel kinderen gaan er uit de bus?’ In groep 3 rekent je kind met de getallen 1 tot 10. In groep 4 leert je kind de tafels, in groep 5 staartdelingen en in groep 6 breuken. Veel rekenopgaven worden aangeboden in de vorm van ‘verhaaltjes’. Je kind moet daar goed Nederlands voor kunnen lezen. Op school leert je kind nog veel meer dan sommen, bijvoorbeeld over gewicht (kilo, ons), afstand (kilometer, meter), ruimte (plattegrondjes maken) en nog veel meer.

Aardrijkskunde, geschiedenis en natuur

Soms heten deze vakken samen ‘wereldverkennend leren’ of ‘oriëntatie op jezelf en de wereld’. Kinderen leren van alles over de omgeving. Af en toe moet je kind een spreekbeurt houden. Jij kunt daarbij helpen. Ook is het belangrijk om nu en dan uitstapjes te maken met je kind. Daardoor leert het de wereld beter kennen. Bovendien is het goed voor het denkvermogen en de woordenschat.

Bewegingsonderwijs en creativiteit

Alle kinderen van alle groepen krijgen bewegingsonderwijs (bijvoorbeeld gym en dans) en kunstzinnige vorming (creativiteit). Hierbij wordt veel aandacht besteed aan kunst. Thuis knutselen en af en toe naar een museum gaan is leuk en goed voor de ontwikkeling van je kind.

Zwemles en verkeersles

Veel scholen organiseren zwemles, maar het is niet verplicht. Organiseren scholen het wel, dan is dit meestal in de onderbouw. Voor verkeersles geldt hetzelfde. Scholen organiseren het vaak wel, maar het is niet verplicht. Meestal krijgen kinderen verkeersles in groep 7 en 8.

Engels

Vanaf groep 7 kiest een school welke buitenlandse taal je kind kan leren. Dat is meestal Engels maar het kan ook Spaans, Frans of Duits zijn.

Lesstof

Scholen kiezen hun eigen lesmethoden. Iedere basisschool moet voldoen aan de kerndoelen van het ministerie van Onderwijs. Die kerndoelen gaan over de gebieden:

  • taal en communicatie;
  • rekenen (wiskunde);
  • oriëntatie op mens en wereld;
  • bewegingsonderwijs;
  • kunstzinnige oriëntatie.

Lezen, schrijven, grammatica en spelling

Op school is er veel aandacht voor taal, praten met elkaar en allerlei vormen van communicatie, zoals een verhaal vertellen of een spreekbeurt houden. De groepen 1 en 2 bereiden je kind spelenderwijs voor op leren lezen en schrijven. In groep 3 wordt een leesmethode gebruikt. De meeste scholen werken met leesniveaus (AVI), die steeds moeilijker worden. Vanaf groep 4 leren kinderen begrijpend lezen, spellen en later ook zelf stukjes schrijven.

Rekenen en wiskunde

Je kind wordt in groep 1 en 2 voorbereid op rekenen met speelse telactiviteiten en sorteren. Ook van bijvoorbeeld ‘busje spelen’ leert je kind al een beetje rekenen: ‘Hoeveel kinderen gaan er uit de bus?’ In groep 3 rekent je kind met de getallen 1 tot 10. In groep 4 leert je kind de tafels, in groep 5 staartdelingen en in groep 6 breuken. Veel rekenopgaven worden aangeboden in de vorm van ‘verhaaltjes’. Je kind moet daar goed Nederlands voor kunnen lezen. Op school leert je kind nog veel meer dan sommen, bijvoorbeeld over gewicht (kilo, ons), afstand (kilometer, meter), ruimte (plattegrondjes maken) en nog veel meer.

Aardrijkskunde, geschiedenis en natuur

Soms heten deze vakken samen ‘wereldverkennend leren’ of ‘oriëntatie op jezelf en de wereld’. Kinderen leren van alles over de omgeving. Af en toe moet je kind een spreekbeurt houden. Jij kunt daarbij helpen. Ook is het belangrijk om nu en dan uitstapjes te maken met je kind. Daardoor leert het de wereld beter kennen. Bovendien is het goed voor het denkvermogen en de woordenschat.

Bewegingsonderwijs en creativiteit

Alle kinderen van alle groepen krijgen bewegingsonderwijs (bijvoorbeeld gym en dans) en kunstzinnige vorming (creativiteit). Hierbij wordt veel aandacht besteed aan kunst. Thuis knutselen en af en toe naar een museum gaan is leuk en goed voor de ontwikkeling van je kind.

Zwemles en verkeersles

Veel scholen organiseren zwemles, maar het is niet verplicht. Organiseren scholen het wel, dan is dit meestal in de onderbouw. Voor verkeersles geldt hetzelfde. Scholen organiseren het vaak wel, maar het is niet verplicht. Meestal krijgen kinderen verkeersles in groep 7 en 8.

Engels

Vanaf groep 7 kiest een school welke buitenlandse taal je kind kan leren. Dat is meestal Engels maar het kan ook Spaans, Frans of Duits zijn.